DRIE TRENDS OP HET GEBIED VAN TOETSING

18 September 2019 DRIE TRENDS OP HET GEBIED VAN TOETSING

Geplaatst op 12:00
Studenten willen een kwalitatief hoogwaardig diploma halen. Toetsing en examinering spelen daarbij een centrale rol: om de kwaliteit te borgen, maar ook steeds vaker om het leerproces van studenten te verbeteren en studenten af te leveren die klaar zijn om aan de slag te gaan in een snel veranderende samenleving.

Op het gebied van toetsing doen zich belangrijke ontwikkelingen voor. Er wordt zelfs wel gesproken van een 'toets(r)evolutie'. In dit blog gaan we nader in op drie toetsingstrends die van belang zijn voor de beroepspraktijk.

1 Forse toename van formatieve toetsing

Docenten in het hoger beroepsonderwijs vragen zich steeds vaker af of studenten niet te veel leren enkel om toetsen en examens te halen, en te weinig om kennis op te doen (Remie & Huygen, 2019). Veel studenten stampen vlak voor een tentamen de stof in hun hoofd om direct daarna al het geleerde weer te vergeten. Hiermee schieten zij natuurlijk niks op.

Vandaar dat docenten steeds meer aandacht besteden aan het leerproces. Daarbij verkiezen zij steeds vaker formatieve toetsing boven summatieve. Het verschil tussen beide is dat summatieve toetsing draait om beoordeling van de leerprestaties, terwijl formatieve toetsing als doel heeft te bepalen hoe het leerproces het beste vorm kan krijgen. Simpel gezegd: bij formatieve toetsing staat niet het resultaat centraal, maar het leren zelf (NRO, 2019).

Een reden van de toegenomen aandacht voor formatieve toetsing is dat summatieve toetsing te weinig informatie biedt over het leerproces. Formatieve toetsing biedt dit wel. Bovendien geeft formatieve toetsing een indicatie van hoe studenten zich verder kunnen ontwikkelen (Kenniscentrum Toetsen & Examineren, 2017).

Bij formatieve toetsing in het hoger onderwijs is een belangrijke rol ingeruimd voor het geven van feedback. Op basis van formatieve toetsen kan gerichtere feedback worden gegeven op het leerproces. Deze feedback kan komen van docenten, medestudenten (peer-assessment) of de student zelf (self-assessment). Een bijkomend voordeel van self-assessments is dat de student een actieve rol gaat spelen en betrokken wordt bij het toetsproces. Dit bevordert zijn motivatie (NRO, 2017).

De opmars van formatieve toetsing betekent niet dat summatieve toetsing verleden tijd is. Beide zijn namelijk nodig in het onderwijs. Studenten dienen eerst te leren aan de hand van een formatief leerproces. Vervolgens kan met behulp van summatieve toetsing worden bepaald of zij de kennis tot zich hebben genomen (Sluijsmans, 2018).

Voorwaarden voor effectieve formatieve toetsing

  1. Betekenisvolle toetsen: de toetsen dienen betekenisvol te zijn en aan te sluiten bij het curriculum, de leerdoelen en het niveau van de studenten.
  2. Regelmatige toetsing: frequente toetsing, minimaal één keer in de zes weken met regelmatige feedback.
  3. Professionele docenten: een docententeam dat vaardig is in toetsafname en -interpretatie, feedback kan geven en in staat is studenten te betrekken bij het toetsproces.
  4. Betrokken leerlingen: studenten vervullen een actieve rol en hebben vaardigheden om self-assessment en peer-assessment uit te voeren.
  5. Toetscultuur gericht op onderwijsverbetering: een stimulerende cultuur gericht op het verbeteren van het onderwijs
(Wij-leren, 2016)
2 Vaker tussentijds toetsen

In de huidige praktijk vindt toetsing op hogescholen vaak plaats aan het einde van een blokperiode. De toets heeft als functie te beoordelen of studenten de aangeboden kennis van de voorgaande acht tot tien weken daadwerkelijk hebben opgenomen (end-of-the-pipe toetsing).

Volgens veel docenten en onderwijsdeskundigen leidt dit niet tot het ultieme leereffect. Studenten stellen het leren uit en beginnen pas op het laatste moment met de voorbereidingen van het tentamen (OABDEKKERS, 2016). Ook ontstaat er concurrentie tussen parallelle vakken die gelijktijdig worden getoetst aan het einde van een blokperiode (Nuland, 2015).

In toenemende mate kiezen hogescholen daarom voor tussentijdse toetsen. Op deze manier blijven studenten tijdens de gehele periode actief en stellen zij het leren minder uit. Een goed voorbeeld hiervan is cumulatieve toetsing.

Bij cumulatieve toetsing wordt er frequent getoetst met behulp van deeltoetsen. De resultaten van de deeltoetsen vormen het uiteindelijke eindresultaat. Bij deze vorm van toetsing is dus sprake van een toets verdeeld over meerdere momenten. Voordelen van cumulatieve toetsing is dat zij studenten stimuleert om regelmatig te studeren. Herhaling speelt namelijk een belangrijke rol in het leerproces (Bruijns, 2014). Hierdoor beklijft kennis op de lange termijn beter.

3 Afwisseling van toetsvormen

Eerder dit jaar oordeelde de Onderwijsraad dat de toetspraktijk in alle onderwijssectoren niet bijdraagt aan de kwaliteit van het onderwijs. Toetsing zou te vaak schriftelijk plaatsvinden in de vorm van kennistoetsen, terwijl het hoger beroepspraktijk juist gericht is op de praktijk.

Ook de samenleving is sterk aan verandering onderhevig. Kennisaspecten veranderen snel, waardoor werkgevers meer belang hechten aan vaardigheden en houdingsaspecten. Bij de werving van personeel wordt steeds minder gelet op kennis en meer op professionele vaardigheden.

Als reactie hierop kiezen veel opleidingen ervoor om deze vaardigheden een centralere plaats te geven in het curriculum en de toetsing aan te passen. Tevens kiezen zij steeds vaker voor een breed pallet aan toetsvormen. Naast de kennistoets werken zij bijvoorbeeld met casus- en vaardigheidstoetsen, projectopdrachten, presentaties en mondelinge toetsen. Dit alles om het beoogde leerresultaat te realiseren en beter aan te sluiten op de beroepspraktijk.

Kennistoetsen blijven dus nog steeds een belangrijke rol spelen in het hoger onderwijs. Tegelijkertijd komt er steeds meer aandacht voor toetsing gericht op vaardigheden en houdingsaspecten. Een grote uitdaging hierbij is om het formatieve leerproces op een juiste manier te koppelen aan summatieve toetsing.


Heeft u naar aanleiding van dit blog nog vragen of wenst u passend advies op gebied van toetsing? Neem dan gerust contact met ons op.

Neem contact op

Literatuurlijst

Bruijns, V. (2014). Het effect van tussentijds toetsen op studierendement: een literatuurstudie. Onderzoek van Onderwijs, 15-20.

Jong, C. de (2017, 19 september). 'Tests zijn stressmomenten, geen leermomenten' [Blogpost]. Geraadpleegd op 19 augustus 2019, van https://oabdekkers.nl/tag/cumulatief-toetsen/

Remie, M., & Huygen, M. (2019, 18 januari). 'Trend op scholen: minder toetsen voor een cijfer'. Geraadpleegd op 20 augustus 2019, van https://www.nrc.nl/nieuws/2019/01/18/trend-op-scholen-minder-toetsen-voor-een-cijfer-a3650945

Kenniscentrum Toetsen & Examineren. (2017, 9 februari). 'Formatieve toetsen leveren meer informatie over ontwikkeling leerling'. Geraadpleegd op 20 augustus 2019, van https://www.toetsen-examineren.nl/toetsbeleid/formatieve-toetsen-leveren-meer-informatie-ontwikkeling/

OABDEKKERS. (2016, 22 maart). 'Een snelle manier om van luie studenten af te komen|Onderwijsadviesbureau Dekkers'. Geraadpleegd op 20 augustus 2019, van https://oabdekkers.nl/2016/03/22/een-snelle-manier-om-van-luie-studenten-af-te-komen/

Meester, E. (2019, 26 juni). 'Onderwijsvernieuwingen die wél werken'. Geraadpleegd op 20 augustus 2019, van https://www.nrc.nl/nieuws/2019/06/26/onderwijsvernieuwingen-die-wel-werken-a3964818

NRO. (2019, 17 mei). 'Hoe kan het onderwijs met succes formatieve toetsing inzetten?'. Geraadpleegd op 20 augustus 2019, van https://www.nro.nl/kennisrotondevragenopeenrij/hoe-kan-het-onderwijs-met-succes-formatieve-toetsing-inzetten/

Sluijsmans, D. (2018, 10 april). 'Formatief toetsen vergroot interactie met student'. Geraadpleegd op 20 augustus 2019, van https://www.toetsen-examineren.nl/toetskwaliteit/formatief-toetsen-vergroot-interactie-met-student/

'Hoe kan het onderwijs met succes formatieve toetsing inzetten?' (2016, 7 december). Geraadpleegd op 29 augustus 2019, van https://wij-leren.nl/hoe-kan-het-onderwijs-met-succes-formatieve-toetsing-inzetten.php

Top